Twitter


Jaarsma & de Boer

De knoop doorgehakt


>> Foto's
Om maar met de deur in huis te vallen, wat ga je doen volgend jaar. Heb je een nieuw team gevonden?
 
J.: "Ik heb geen nieuw team en wat ik volgend jaar precies ga doen, is nog niet helemaal duidelijk. Een paar weken geleden heb ik de knoop doorgehakt, besloten dat het klaar is. Ik stop en ben toe aan een nieuwe uitdaging."

 

 
Hoe ben je tot die, toch wel ingrijpende, conclusie gekomen?
 
J.: "Het is een combinatie van factoren. Ik heb natuurlijk een baggerjaar gehad. Het is toch lastig om een nieuwe ploeg te vinden en mijn thuissituatie is natuurlijk anders geworden met twee van die kleintjes. Ik merkte dat ik er niet zoveel plezier meer aan beleefde en ik voelde dat mijn motivatie minder werd. Dan ga je denken waar je eigenlijk mee bezig bent en op dat moment vallen alle puzzelstukjes als vanzelf op hun plaats en heb ik de knop omgezet. 

Je bent dus definitief gestopt als profrenner?
 
J.: "Ja, het is niet een beslissing die je zomaar neemt, ik ben niet over één nacht ijs gegaan. Er spelen nog wel wat dingen, maar ik heb tegen Theo (de Rooij) gezegd dat het niet meer hoeft. Kijk, een stap terugzetten, naar een kleiner team, zie ik niet zitten. Maar voor de duidelijkheid, ik heb er vrede mee. Ik ben niet aan het eind van mijn actieve leven gekomen, sterker nog, ik ben 31, zoals het eruit ziet kan ik nog zeker 36 jaar werken. Het is goed zo, klaar."
 
Waarom vindt een toprenner als jij geen ploeg?
 
J.: "Ik ben wel bezig geweest met verschillende ploegen, bijvoorbeeld Vacancesoleil, maar die hadden geen plek. Daarnaast zijn er veel ploegen die ProTourpunten nodig hebben en laten we eerlijk zijn, die heb ik nu gewoon niet. Die ploegen hebben die punten toch nodig om bovenaan te kunnen staan. Ik merk dat toch heel duidelijk; er wordt tegenwoordig eerst gekeken naar de behaalde punten en dan pas naar de renner. Daarnaast had ik te maken met het feit dat er minder aflopende contracten waren, doordat er meerdere nieuwe ploegen zijn. Maar er waren ook ploegen die meteen zeiden dat ze geen belangstelling hadden, dat is wel een duidelijke boodschap.
 
Steekt het dat je wordt aangekeken op je punten en niet op je kwaliteiten?
 
J.: "Natuurlijk steekt dat wel, het is wel balen. Er zijn teams waarvan ik denk dat ik zeker mijn mannetje had kunnen staan, maar ja. Je ziet wel dat het puntensysteem van de UCI in opspraak komt. Neem nou het voorbeeld van Lotto, daar reed een Iraniër rond die totaal niet thuis hoorde in de ProTour maar gehaald werd om zijn punten. Die man is inmiddels ook weer weg, maar toch."
 
Hoe komt het dat het afgelopen jaar niet liep?
 
J.: "Het Leopardseizoen eindigde slecht met al die jongens die weg moesten. Ik was blij dat ik die bingo overleefde en kon blijven bij een ploeg die ook betaalde, maar ik ging van een A-renner naar een C- totdat ik nog een F-renner was. Kijk, ik was natuurlijk op een aantal cruciale momenten ziek, maar er was duidelijk ook sprake van andere factoren. Ik moet ook eerlijk zijn, als je uitslagen rijdt, heb je wat te zeggen, maar die waren er niet. Uiteindelijk werkt het natuurlijk wel heel demotiverend als je hard traint voor grote koersen, op de weg, achter de scooter en die grote koersen komen niet."
 
Hebben de ontwikkelingen rond Armstrong en Bruyneel nog iets te maken met de beslissing om te stoppen?
 
J.: "Nee, de beslissing om te stoppen heb ik een paar weken geleden al genomen en toevallig loopt dit nu parallel aan elkaar. Dat is echt puur toeval." 

 
Hoe kijk je terug op 10 jaar wielrennen?
 
J.: "Ik heb een heel mooie tijd gehad, ik heb een heel mooi leven kunnen leiden, een paar heel mooie koersen kunnen winnen, veel van de wereld gezien, veel mensen leren kennen en natuurlijk veel meegemaakt."
 
Heb je een top 3 van bijzondere momenten die je altijd bij zullen blijven?
 
J.: " In willekeurige volgorde denk ik dan aan de ritwinst in Parijs-Nice in mijn eerste jaar in de ProTour, daar pakte ik mijn eerste punten voor de Rabobank, dat was echt een mooi moment. Daarnaast heb ik natuurlijk in 2007 een behoorlijk zwaar auto-ongeluk gehad tijdens een training in Duitsland en het was toen de vraag of ik ooit nog aan het fietsen zou komen. Het was nogal wat, wat er toen gebeurde. Je komt op een Eerste Hulp terecht waar ze je vertellen dat je misschien nooit meer kunt fietsen. Tegen je vrouw en je ouders zeg je dan dat het niet uitmaakt Ik was al lang blij dat ik er nog was. Uiteindelijk won ik direct na mijn revalidatie de Saksen Tour. Dat was wel een behoorlijke opluchting moet ik zeggen. Normaal ben ik niet zo emotioneel, maar op dat moment schoot ik wel even vol. Dat is ook sport, je incasseert heel veel, maar je krijgt er vaak ook heel veel voor terug. Dat is de aard van het beestje, ik heb eigenlijk altijd wel een optimistische blik op de wereld."
 
Hoe was dat om als winnaar over de meet te komen?
 
J.: "Van het moment dat ik over de finish reed weet ik niet zoveel, (lachend) het was in Dresden, op de kasseien en het regende volle bak. Maar toen ik daar op het podium stond ging er wel even wat door me heen. Ik reed die koers om te kijken waar ik stond en de verschillen waren niet zo heel groot totdat ik de tijdrit won. Op dat moment stond ik aan de leiding en hadden we een sterke ploeg die dat kon verdedigen."
 
"Je hebt nu twee dingen genoemd, en die derde?
 
J.: "Moet dat echt? Goed dan, de eerste keer de Alpe d'Huez opfietsen in de eerste Tour de France. De eerste keer de Champs-Élysées halen, dat zijn dingen die vergeet ik nooit. Maar ook de vijfde keer was bijzonder. Het is een bepaalde spanning als je richting die Eiffeltoren rijdt, net alsof je een stadion binnenkomt waar je een uur lang mag knallen. Absolute euforie is dat. Ik weet nog dat ik als klein jongetje met mijn oom en tante naar Luik ging, daar startte de Tour. Welk jaar dat was? Geen idee, maar ik weet nog wel dat ik het machtig spannend vond, de Tour de France. Toen ik jaren later zelf deel uitmaakte van dat hele circus, moest ik daar wel eens aan terugdenken. "
 
Je staat erom bekend dat je een vriendelijke sporter bent, die altijd tijd maakt voor fans. Waar komt dat vandaan?
 
J.: "Ik weet nog dat ik een keer bij een wedstrijd van FC Twente tegen PSV was, in het oude Diekmanstadion. Romario speelde en na afloop stond ik met mijn vader op hem te wachten. Ik wilde een handtekening van hem. Romario liep zonder iemand een blik waardig te gunnen de bus in. Als klein jongentje is dat zo'n ontzettende teleurstelling en daar ik heb altijd als profsporter rekening mee proberen te houden. Zo'n klein jongentje, man of vrouw heeft al die tijd op je staan wachten. Natuurlijk kun je niet iedereen handtekening geven, maar ik heb wel mijn best gedaan altijd. Ik weet gewoon nog hoe het is om op te kijken tegen een bekende sporter. Niet dat ik me kan voorstellen dat mensen tegen mij opkijken, nou ja, misschien vanwege mijn lengte haha."
 
En nu?

J.: "Ik kijk met heel veel positieve energie naar de toekomst. Ik ben andere dingen aan het doen. Afgelopen week heb ik me ingeschreven voor de halve marathon van Enschede en heb veel leuke gesprekken gevoerd, ik voel echt een nieuwe uitdaging. Ik heb natuurlijk tien jaar alleen met oogkleppen op voor het wielrennen geleefd. Het klinkt misschien heel stom, maar er gaat nu een grotere wereld voor mij open. Mijn betrokkenheid bij sport, de wielersport, maar ook bij het bewegen in het algemeen, zal altijd blijven. Ik vind sport gewoon nog veel te mooi. 
 
Gaat de fiets nu ook aan de haak om daar langzaam te verstoffen?
 
J.: "Ik ga nog steeds graag fietsen, alhoewel ik de laatste weken weinig op de fiets heb gezeten omdat ik veel te druk was. En ik moet eerlijk zeggen, het kriebelt nu meer om te gaan hardlopen. Grappig, want ik kom natuurlijk uit de atletiek en ben ooit per ongeluk in de wielersport terechtgekomen. Voor alles is een reden, denk ik. Dit zal ook weer nieuwe vensters openen... "


(©) Foto's Tim De Waele